Ja, je hebt (recht op) een GO! account en toegang tot GO! pro.
Contacteer de lokale gegevensbeheerder van je scholengroep.
Het Vlaams Mensenrechteninstituut heeft een oordeel geveld in twee zaken tegen het GO! over op het verbod op levensbeschouwelijke kentekens. De Geschillenkamer van het VMRI oordeelde dat het verbod discriminerend is.
Het GO! neemt met verbazing kennis van de oordelen van het VMRI. De oordelen staan lijnrecht tegenover eerdere uitspraken van hogere rechtbanken over een verbod op levensbeschouwelijke kentekens, waaronder het Grondwettelijk Hof, de hoven van beroep van Antwerpen en Brussel en recent nog de rechtbank van eerste aanleg van Mechelen, en niet in het minst het Europees Hof voor de Rechten van de Mens dat het standpunt van het Hof van beroep te Antwerpen en dus ook de visie van het GO! bevestigde.
Het oordeel van de Geschillenkamer is een niet-bindend advies. Het GO! neemt er akte van dat het VMRI blijkbaar een andere opvatting en visie heeft dan het GO! zelf over de neutraliteit binnen het Gemeenschapsonderwijs en de invulling die daaraan moet worden gegeven. Het VMRI meent bovendien dat de arresten van het Europees Hof voor de Rechten van de Mens slechts een beperkte werking zouden hebben en dat het als nationale instantie een eigen afweging mag maken. Het Europees Hof voor de Rechten van de Mens oordeelde in 2024 nochtans dat het Vlaamse Gemeenschapsonderwijs een neutrale schoolomgeving kan opzetten vrij van levensbeschouwelijke symbolen. Het verbod is evenredig met de nagestreefde doelstelling, zegt het Europees Hof, namelijk het beschermen van de rechten en vrijheden van anderen, in het bijzonder de medeleerlingen die voor het neutrale gemeenschapsonderwijs hebben gekozen.
Uit het arrest van het Europees Hof voor de Rechten van de Mens blijkt bovendien dat van leerlingen wel degelijk bepaalde toegevingen kunnen worden verwacht om de idealen en waarden van een democratische samenleving te beschermen en te bevorderen. Het Europees Hof voor de Rechten van de Mens bevestigde hiermee de eerdere beoordeling van het Hof van beroep van Antwerpen. Het standpunt van het Europees Hof voor de Rechten van de Mens ligt ook geheel in lijn met dat van diverse andere nationale instanties die zich als rechtscollege hebben uitgesproken en die tot hetzelfde besluit zijn gekomen.

