Ja, je hebt (recht op) een GO! account en toegang tot GO! pro.
Contacteer de lokale gegevensbeheerder van je scholengroep.
Beste GO! collega,
De nieuwe PISA-resultaten zijn niet goed. Daar moeten we geen doekjes om winden, we moeten de resultaten ook niet proberen te minimaliseren. Vijftienjarigen scoren opnieuw slechter voor wiskunde en lezen dan hun leeftijdsgenoten drie jaar eerder. Voor wetenschappen zijn de cijfers niet significant gedaald, maar dat is onvoldoende reden om te juichen.
De alarmbel luidt dus opnieuw voor ons onderwijs. Toch mogen we enkele kanttekeningen bij deze resultaten maken. Op enkele uitzonderingen na dalen de cijfers sterk voor alle landen van de Europese Unie. Het verval is dus geen specifiek Vlaams probleem. Ook scoren Vlaamse jongeren nog altijd hoog in vergelijking met de ons omringende landen en liggen de cijfers voor wiskunde en wetenschappen nog altijd boven het EU-gemiddelde. Willen we verklaringen vinden voor de sterke daling, dan doen we dat dus best voor heel Europa, en liefst met gedegen wetenschappelijk onderzoek. Dit betekent niet dat we de cijfers mogen relativeren, daarvoor zakt Vlaanderen te sterk en te langdurig tegenover de vroegere eigen resultaten. Maar we moeten wel correct met de beschikbare data omgaan.
Geen nieuw masterplan
Een belangrijke kanttekening is dat de PISA-resultaten van vandaag niets zeggen over de toekomst. Onderwijskwaliteit groeit langzaam. Ze groeit wanneer schoolteams hoge verwachtingen voor elke leerling combineren met sterke begeleiding, wanneer leerlingen toegang krijgen tot kennis in een sfeer die leren aanmoedigt, en wanneer onderwijsprofessionals samen leren van wat werkt. Daarom moeten we vooral vermijden om na elke internationale meting van richting te veranderen. De grootste fout die we vandaag kunnen maken, is te denken dat een nieuwe koers of een nieuw masterplan voor het onderwijs plots betere resultaten zal opleveren. Net nu moeten we blijven investeren in de wegen waarvan we weten dat ze werken, en dus doorgaan op de ingeslagen koers.
Dat betekent meer aandacht voor kennis, taal en wiskunde. Het betekent minimumdoelen die helder aangeven wat leerlingen moeten kennen en kunnen. Het betekent ambitieuze leerplannen die zorgen voor een sterke opbouw van kennis doorheen de schoolloopbaan. En het betekent een cultuur van hoge verwachtingen. Niet omdat elke leerling dezelfde eindbestemming moet bereiken, wel omdat elke leerling recht heeft op uitdagend onderwijs.
Samenwerken loont
De belangrijkste hefboom hebben we zelf in handen. Overal in het GO! gebeuren sterke dingen. Scholen die hun leesbeleid versterken. Teams die kwaliteitsvolle lessenreeksen ontwikkelen. Leraren die erin slagen leerlingen opnieuw aan het lezen te krijgen. Scholen die de resultaten van Vlaamse toetsen gebruiken om hun aanpak te verbeteren. Dat gebeurt vandaag allemaal. Alleen gebeurt het nog te vaak naast elkaar.
De vraag is niet of we voldoende expertise hebben. Die expertise is aanwezig. De vraag is hoe we ze sneller en intensiever kunnen verspreiden in de scholengroepen van het GO! en in het net. Daarom is samenwerken meer dan ooit een noodzaak. Samenwerken binnen schoolteams, samenwerken binnen scholengroepen, samenwerken in heel het Gemeenschapsonderwijs. Laat dat ons streven zijn aan het begin van dit schooljaar. Want dit is geen moment om te wanhopen maar om door te zetten.
Koen Pelleriaux
Afgevaardigd bestuurder


