Onverenigbaarheden

​Volgens de bepalingen van artikel 32 van het Bijzonder Decreet betreffende het Gemeenschapsonderwijs van 14 juli 1998 kan een kandidaat zijn mandaat in de Raad van het GO! slechts opnemen als hij of zij zich op dat ogenblik niet in een toestand van onverenigbaarheid bevindt.

Zodra een raadslid zich in een toestand van onverenigbaarheid bevindt, komt er tevens een einde aan zijn of haar mandaat. Dit geldt zowel voor de leden die verkozen worden als voor de leden die aangeduid worden door de Vlaamse universiteiten of autonome hogescholen.

Met het lidmaatschap van de Raad is onverenigbaar :
1. het lidmaatschap van een wetgevende vergadering, een provincieraad, een gemeenteraad of een raad van een openbaar centrum voor maatschappelijk welzijn, van een regering, een bestendige deputatie of de hoedanigheid van burgemeester ;
2. de hoedanigheid van personeelslid van het GO! onderwijs van de Vlaamse Gemeenschap, behalve voor de 5 leden die worden gekozen door een kiescollege dat bestaat uit de directeurs en de rechtstreeks verkozen leden van de schoolraden verkozen door en uit het personeel van de scholen ;
3. de hoedanigheid van lid van een bestuursorgaan van een scholengroep van het GO! onderwijs van de Vlaamse Gemeenschap ;
4. de hoedanigheid van personeelslid of van lid van een schoolbestuur of een inrichtende macht van het gesubsidieerd onderwijs of van een gesubsidieerd centrum voor leerlingenbegeleiding, het hoger onderwijs uitgezonderd ;
5. de hoedanigheid van personeelslid van de diensten van de Raad ;
6. de hoedanigheid van personeelslid van de pedagogische begeleidingsdienst ;
7. de hoedanigheid van personeelslid van de onderwijsinspectie van de Vlaamse Gemeenschap ;
8. de hoedanigheid van accountant belast met het toezicht op de organen van het GO! onderwijs van de Vlaamse Gemeenschap ;
9. de hoedanigheid van verantwoordelijk leider, vast gevolmachtigde of vast afgevaardigde van een vakorganisatie die de beroepsbelangen van het personeel van het onderwijs behartigt ;
10. de hoedanigheid van personeelslid van het departement Onderwijs van het ministerie van de Vlaamse Gemeenschap ;
11. de hoedanigheid van algemeen directeur van een scholengroep van het GO! onderwijs van de Vlaamse Gemeenschap.

Bij de aanvaarding van het lidmaatschap van de Raad onderschrijft men een verklaring zich niet in een toestand van onverenigbaarheid te bevinden.